Obsah (8)
Art. 7Art. 20Art. 22Art. 24Art. 26Art. 28Art. 30Art. 33wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der inste
Art. 7.§ 1.
De "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" bestaat uit dertig gewone leden en dertig plaatsvervangende leden, onder wie een voorzitter en twee ondervoorzitters. De gewone leden zijn afkomstig van de vaste commissies, met name : - vijf leden van de "Commission wallonne de la Santé" uit haar midden gekozen, onder wie de voorzitter; - vijf leden van de "Commission wallonne de la Famille" uit haar midden gekozen, onder wie de voorzitter; - vijf leden van de "Commission wallonne de l'Action sociale" uit haar midden gekozen, onder wie de voorzitter; - vijf leden van de "Commission wallonne de l'Intégration des Personnes étrangères ou d'origine étrangère" uit haar midden gekozen, onder wie de voorzitter; - vijf leden van de "Commission wallonne des Personnes handicapées" uit haar midden gekozen, onder wie de voorzitter; - vijf leden van de "Commission wallonne des Ainés" uit haar midden gekozen, onder wie de voorzitter. Het plaatsvervangend lid van een gewoon lid is afkomstig van dezelfde vaste commissie als laatstgenoemde Een minimumvertegenwoordiging van minstens zes leden, van de begunstigden van de diensten en instellingen alsook van de representatieve werknemersorganisaties van de sectoren wordt gewaarborgd binnen de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé". §
- Vier leden aangewezen door de "Conseil économique et social de la Région wallonne" nemen ook deel aan de vergaderingen van de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", met raadgevende stem. Art. 8.§
- De Regering wijst de leden van de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" aan binnen drie maanden na de installatie van de vaste commissies, op de voordracht van de commissies wat betreft de leden van de "Conseil" die geen voorzitter van de vaste commissies zijn. De leden van de "Conseil" worden voor dezelfde termijn aangewezen als voor de termijn waarvoor ze als lid van de vaste commissie waarvan ze deel uitmaken, worden aangewezen. De Regering wijst onder de leden die niet voorzitters van de vaste commissies zijn, de voorzitter en ondervoorzitters van de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" aan. §
- De aanwijzing van de gewone leden en de plaatsvervangende leden gebeurt op dezelfde wijze. §
- Een gewoon lid wordt geacht ontslagnemend te zijn wanneer hij geen lid meer is van de vaste commissie die hem heeft voorgedragen. TITEL IV. - Werking HOOFDSTUK I. - Algemene beginselen Art. 9.§
- De "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" wordt door de voorzitter bijeengeroepen of, bij verhindering, door één van de ondervoorzitters. Wanneer een derde van de leden het vraagt, wordt de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" ook door de voorzitter bijeengeroepen. §
- De agenda en de nodige stukken worden aan de gewone leden en aan de plaatsvervangende leden overgemaakt. Art. 10.§
- De "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" stelt binnen zes maanden na zijn effectieve
een huishoudelijk reglement op dat ter goedkeuring aan de Regering wordt voorgelegd. §
- Ambtenaren van de Administratie of van de openbare instellingen alsook een vertegenwoordiger van het secretariaat van de "Conseil économique et social de la Région wallonne" kunnen als waarnemer deelnemen aan de vergaderingen van de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé". Art. 11.Naast de vergoedingen voor verplaatsingskosten bedoeld in artikel 3, § 1, 17°, bepaalt de Regering de aard en het bedrag van de bezoldigingen die aan de leden worden toegekend. HOOFDSTUK II. - Bureau Art. 12.§
- Binnen de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" wordt een bureau opgericht dat bestaat uit de voorzitter, de ondervoorzitters van de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", de voorzitters van de vaste commissies en één of meerdere leden van het secretariaat. §
- Elk verzoek om advies van de Regering wordt aan het secretariaat gericht. Wat de verzoeken om algemeen advies betreft is het bureau ermee belast om de werkzaamheden te organiseren en voor te bereiden en om de beslissingen van de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" en de vaste commissies uit te voeren. De verzoeken om bijzonder advies worden rechtstreeks door het secretariaat gericht aan de voorzitter van de Vaste commissie die bevoegd is om het dossier te behandelen. §
- De werking van het bureau wordt door het huishoudelijk reglement geregeld. HOOFDSTUK III. - Vaste commissies Onderafdeling
- - Gemeenschappelijke bepalingen Art. 13.§
- De benoeming van de leden van de verschillende vaste commissies gebeurt met inachtneming van de volgende voorwaarden : 1° de leden van de vaste commissies hebben minstens vijf jaar ervaring in minstens één van de aangelegenheden die onder de bevoegdheid van de vaste commissie valt waarin zij benoemd zijn of actief zijn met name in federaties, verenigingen, instellingen of diensten die werkzaam zijn in het kader van de onderwerpen toegekend aan de vaste commissie waarin zij benoemd zijn;2° om het evenwicht van de sectoren vertegenwoordigd in een commissie te vrijwaren, worden de leden verdeeld in functie van de verschillende onderwerpen die binnen elke vaste commissie worden behandeld;3° een specifieke vertegenwoordiging van de begunstigden van de diensten en instellingen alsook van de representatieve werknemersorganisaties van de sectoren wordt verzekerd binnen elke commissie in functie van de bevoegdheden die haar worden toegekend. De Regering kan voor elke vaste commissie de toepassing van de criteria bepalen die in het vorig lid worden vermeld. §
- De leden worden door de Regering aangewezen voor een termijn van vijf jaar op basis van een oproep tot de kandidaten bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. De Regering wijst onder deze leden de voorzitter en de ondervoorzitters van elke vaste commissie aan. De aanwijzing van de gewone leden en de plaatsvervangende leden gebeurt op dezelfde wijze. Onverminderd de regels bedoeld in artikel 3, 14°, wordt volgens een procedure voorzien in het huishoudelijk reglement van elke vaste commissie het mandaat van een lid van een vaste commissie ambtshalve beëindigd wanneer betrokkene de overheid of vereniging die hem heeft voorgedragen, niet meer vertegenwoordigt of de hoedanigheid verliest krachtens welke hij werd aangewezen. Art. 14.De vaste commissies worden door hun respectievelijke voorzitters bijeengeroepen of, bij verhindering, door één van de ondervoorzitters. Op aanvraag van een derde van de leden worden de vaste commissies door hun respectievelijke voorzitter bijeengeroepen. Art. 15.Bedoeld huishoudelijk reglement, opgesteld krachtens dit boek, wordt ter goedkeuring aan de Regering voorgelegd, na advies van de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé". Art. 16.Ambtenaren van de Administratie of van de openbare instellingen kunnen als waarnemer deelnemen aan de vergaderingen van de vaste commissies. Art. 17.§
- De vaste commissies kunnen werkgroepen oprichten voor de voorbereiding van een bepaald advies. Deze werkgroepen hebben een beperkte opdracht die door de vaste commissie wordt bepaald. Na het vervullen van zijn opdracht wordt de werkgroep door de vaste commissie ontbonden. §
- De algemene adviezen van de vaste commissies worden door de voorzitter van de vaste commissie aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" overgemaakt, of, als de voorzitter verhinderd is, door één van de ondervoorzitters. §
- De bijzondere adviezen van de vaste commissies worden door de voorzitter van de vaste commissie aan de Regering en, ter informatie, aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" overgemaakt, of, als de voorzitter verhinderd is, door één van de ondervoorzitters, binnen de in artikel 3, 10°, gestelde termijnen. §
- Elke vaste commissie kan, in het kader van haar opdrachten, initiatiefadviezen uitbrengen die ze aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" overmaakt. Laatstgenoemde is ertoe gehouden de initiatiefadviezen, eventueel aangevuld met zijn eigen advies, aan de Regering te rapporteren. Art. 18.Naast de vergoedingen voor verplaatsingskosten bedoeld in artikel 3, 16°, bepaalt de Regering de aard en het bedrag van de bezoldigingen die aan de leden worden toegekend. Afdeling
- - "Commission wallonne de la santé" Onderafdeling
- - Opdrachten Art. 19.De "Commission wallonne de la santé" heeft, wat betreft de aangelegenheden bedoeld in artikel 5, § 1, I, 1°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen : 1° een algemene opdracht die erin bestaat adviezen en/of verslagen aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" uit te brengen over de opdrachten van laatstgenoemde bedoeld in artikel 5, 1° tot 4°, om discussiepunten te leveren in het kader van de uitoefening van zijn opdrachten;2° een expertiseopdracht die erin bestaat, in samenhang met de algemene oriëntaties omschreven door de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", een technisch advies uit te brengen aan de Regering over de aangelegenheden die zij bepaalt. Onverminderd het vorige lid, gaat het hier eigenlijk om het uitbrengen van een technisch advies over de toepassing van Hoofdstuk I van Titel I van Boek V van dit Wetboek : a) over de geplande aanvullende normen bedoeld in artikel 412 van dit Wetboek;b) over iedere aanvraag om inschrijving op de programmatie van de verzorgingsinstellingen;c) over de voorgestelde erkenning of bijzondere erkenning, verlenging van erkenning of bijzondere erkenning van een verzorgingsinstelling, alsook vóór iedere beslissing tot intrekking of tot weigering van een erkenning of bijzondere erkenning van een verzorgingsinstelling, met uitzondering van de erkenningen van de instellingen en diensten op grond van artikel 170, § 1, van de wet op de ziekenhuizen en andere verzorgingsinrichtingen, gecoördineerd op 10 juli 2008;d) over iedere aanvraag om erkenning van een groepering, een vereniging of fusie van ziekenhuizen;e) vóór iedere beslissing tot toelating van medische apparatuur;f) op verzoek van de Regering een advies uitbrengen over de subsidiëring van infrastructuren;g) op verzoek van de Regering een advies uitbrengen over de voorgestelde voorlopige erkenning of voorlopige bijzondere erkenning. Onderafdeling
- -
Art. 20.§ 1.
De "Commission wallonne de la santé" bestaat uit vijfentwintig gewone leden, onder wie een voorzitter en twee ondervoorzitters die allemaal deskundigen zijn in minstens één van de onderwerpen die door de commissie worden behandeld. §
- Ad hoc werkgroepen kunnen binnen de "Commission wallonne de la santé" worden opgericht om het werk van deze commissie voor te bereiden met betrekking tot haar expertiseopdracht. Het huishoudelijk reglement van de "Commission wallonne de la santé" omschrijft de opgerichte werkgroepen en hun werkwijze. De "Commission wallonne de la santé" richt in elk geval een werkgroep "verzorgingsinstellingen" op. §
- De Regering wijst onder de leden van de "Commission wallonne de la santé", ingesteld bij het decreet houdende rationalisatie van de adviesverlenende functie voor de aangelegenheden geregeld krachtens artikel 138 van de Grondwet, degenen aan die deel zullen uitmaken van de Nationale Raad voor Ziekenhuisvoorzieningen. Afdeling
- - "Commission wallonne de la famille" Onderafdeling
- - Opdrachten Art. 21.De "Commission wallonne de la famille" heeft, wat betreft de aangelegenheden bedoeld in artikel 5, § 1, II, 1°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen : 1° een algemene opdracht die erin bestaat adviezen en/of verslagen aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" uit te brengen over de opdrachten van laatstgenoemde bedoeld in artikel 5, 1° tot 4°, om discussiepunten te leveren in het kader van de uitoefening van zijn opdrachten;2° een expertiseopdracht die erin bestaat, in samenhang met de algemene oriëntaties omschreven door de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", een technisch advies uit te brengen aan de Regering over de aangelegenheden die zij bepaalt. Onderafdeling
- -
Art. 22
.De "Commission wallonne de la famille" bestaat uit vijftien gewone leden onder wie een voorzitter en twee ondervoorzitters die allemaal deskundigen zijn in minstens één van de onderwerpen die door de commissie worden behandeld. Afdeling
- - "Commission wallonne de l'action sociale" Onderafdeling
- - Opdracht Art. 23.De "Commission wallonne de l'action sociale" heeft, wat betreft de aangelegenheden bedoeld in artikel 5, § 1, II, 2°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen : 1° een algemene opdracht die erin bestaat adviezen en/of verslagen aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" uit te brengen over de opdrachten van laatstgenoemde bedoeld in artikel 5, 1° tot 4°, om discussiepunten te leveren in het kader van de uitoefening van zijn opdrachten;2° een expertiseopdracht die erin bestaat, in samenhang met de algemene oriëntaties omschreven door de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", een technisch advies uit te brengen aan de Regering over de aangelegenheden die zij bepaalt. Onderafdeling
- -
Art. 24
.De "Commission wallonne de l'action sociale" bestaat uit vijftien gewone leden onder wie een voorzitter en twee ondervoorzitters die allemaal deskundigen zijn in minstens één van de onderwerpen die door de commissie worden behandeld. Afdeling
- - "Commission wallonne de l'intégration des personnes étrangères ou d'origine étrangère" Onderafdeling
- - Opdrachten Art. 25.De "Commission wallonne de l'intégration des personnes étrangères ou d'origine étrangère" heeft, wat betreft de aangelegenheden bedoeld in artikel 5, § 1, II, 3°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen : 1° een algemene opdracht die erin bestaat adviezen en/of verslagen aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" uit te brengen over de opdrachten van laatstgenoemde bedoeld in artikel 5, 1° tot 4°, om discussiepunten te leveren in het kader van de uitoefening van zijn opdrachten;2° een expertiseopdracht die erin bestaat, in samenhang met de algemene oriëntaties omschreven door de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", een technisch advies uit te brengen aan de Regering over de aangelegenheden die zij bepaalt. Onderafdeling
- -
Art. 26
.De "Commission wallonne de l'intégration des personnes étrangères ou d'origine étrangère" bestaat uit vijftien gewone leden onder wie een voorzitter en twee ondervoorzitters die allemaal deskundigen zijn in minstens één van de onderwerpen die door de commissie worden behandeld. Afdeling
- - "Commission wallonne des personnes handicapées" Onderafdeling
- - Opdrachten Art. 27.De "Commission wallonne des personnes handicapées" heeft, wat betreft de aangelegenheden bedoeld in artikel 5, § 1, II, 4°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen : 1° een algemene opdracht die erin bestaat adviezen en/of verslagen aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" uit te brengen over de opdrachten van laatstgenoemde bedoeld in artikel 5, 1° tot 4°, om discussiepunten te leveren in het kader van de uitoefening van zijn opdrachten;2° een expertiseopdracht die erin bestaat, in samenhang met de algemene oriëntaties omschreven door de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", een technisch advies uit te brengen aan de Regering over de aangelegenheden die zij bepaalt. Onderafdeling
- -
Art. 28
.De "Commission wallonne des personnes handicapées" bestaat uit vijftien gewone leden onder wie een voorzitter en twee ondervoorzitters die allemaal deskundigen zijn in minstens één van de onderwerpen die door de commissie worden behandeld. Afdeling
- - "Commission wallonne des aînés" Onderafdeling
- - Opdrachten Art. 29.De "Commission wallonne des aînés" heeft, wat betreft de aangelegenheden bedoeld in artikel 5, § 1, II, 5°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen : 1° een algemene opdracht die erin bestaat adviezen en/of verslagen aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" uit te brengen over de opdrachten van laatstgenoemde bedoeld in artikel 5, 1° tot 4°, om discussiepunten te leveren in het kader van de uitoefening van zijn opdrachten;2° een expertiseopdracht die erin bestaat, in samenhang met de algemene oriëntaties omschreven door de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", een technisch advies uit te brengen aan de Regering over de aangelegenheden die zij bepaalt. Onverminderd het vorige lid, gaat het hier eigenlijk om het uitbrengen van een technisch advies over de toepassing van titel 1 van boek 5 van dit Wetboek :
- het programma van de inrichtingen voor bejaarde personen bedoeld in de artikelen 345 tot 347 van dit Wetboek;
- de principiële akkoorden bedoeld in de artikelen 348 van dit Wetboek;
- elke beslissing tot weigering, intrekking of schorsing van een erkenning, vóór deze beslissingen. Onderafdeling
- -
Art. 30
.De "Commission wallonne des aînés" bestaat uit vijftien gewone leden onder wie een voorzitter en twee ondervoorzitters die allemaal deskundigen zijn in minstens één van de onderwerpen die door de commissie worden behandeld. HOOFDSTUK IV. - Beroepen en Adviescommissie voor de beroepen Afdeling
- - Algemene bepalingen Art. 31.Onverminderd de wetgeving op de ziekenhuizen kan een beroep bij de Regering worden ingediend tegen een beslissing inzake sociale actie of gezondheid die genomen is en door de Regering of een andere bevoegde instantie formeel betekend is. Het beroep is opschortend, behalve : 1° als de Regering beslist voor de aangelegenheden bedoeld in artikel 5°, § 1, I, 1°, en II, 1° tot 5°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen, om een instelling of een dienst dringend te sluiten als : - een overtreding van de bij of krachtens een decreet bepaalde regels de rechten, de veiligheid of de gezondheid van de bewoners ernstig in het gedrang brengt; - dringende volksgezondheids- of veiligheidsredenen zulks rechtvaardigen; 2° als de beslissing wordt gerechtvaardigd door de toepassing van een programmatie. Art. 32.Er wordt een Adviescommissie voor de beroepen opgericht voor de vraagstukken inzake sociale actie en gezondheid. De Adviescommissie voor de beroepen heeft als opdracht de Regering adviezen te verlenen wat betreft de beroepen bedoeld in artikel
- Afdeling
- -
Art. 33
.De Adviescommissie voor de beroepen bestaat uit zeven leden onder wie een voorzitter en een ondervoorzitter. De Regering benoemt voor een hernieuwbare termijn van vijf jaar en op basis van een oproep tot de kandidaten bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad, de voorzitter, de ondervoorzitter en de leden van de Adviescommissie voor de beroepen. Art. 34.§
- De voorzitter en de ondervoorzitter zijn houder van een diploma van licentiaat, master of doctor in de rechten en hebben een nuttige juridische ervaring van minstens vijf jaar. §
- De andere leden en hun plaatsvervangers zijn bevoegd inzake sociale actie en gezondheid en hebben een nuttige ervaring van minstens vijf jaar wat betreft de aangelegenheden bedoeld in artikel 5, § 1, I, 1°, en II, 1° tot 5°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen. §
- De regels vastgelegd in het decreet van 15 mei 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten2 tot bevordering van de evenwichtige aanwezigheid van mannen en vrouwen binnen de adviesorganen voor de aangelegenheden waarin het Gewest de bevoegdheden van de Franse Gemeenschap uitoefent, worden nageleefd als de Adviescommissie voor de beroepen wordt samengesteld. Art. 35.De hoedanigheid van lid van de Adviescommissie voor de beroepen is onverenigbaar met : 1° de hoedanigheid van lid van de vaste commissies;2° de hoedanigheid van personeelslid van de Administratie;3° de hoedanigheid van personeelslid van een openbare instelling van het Waalse Gewest;4° de hoedanigheid van voorzitter, lid van de raad van bestuur, beheerder of personeelslid van een federatie of een samenwerkingsverband voor de aangelegenheden bedoeld in artikel 5°, § 1, I, 10, en II, 1° tot 5°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen. Afdeling
- - Beroepsprocedure Art. 36.§
- Het beroep tegen een beslissing wordt binnen de maand van de kennisgeving van de omstreden beslissing aan het secretariaat van de Adviescommissie voor de beroepen gericht bij aangetekend schrijven of via elk ander middel waarbij de zending wordt bewezen. Het beroep vermeldt : 1° de naam, voornaam, woonplaats of zetel van de aanvrager;2° zijn voorwerp en een uiteenzetting van de feiten en verweermiddelen. Het beroep wordt aangevuld met een afschrift van de omstreden beslissing. Het secretariaat bevestigt ontvangst van het beroep en legt het voor samen met het administratief dossier aan de Adviescommissie voor de beroepen binnen vijftien dagen die volgen op de ontvangst. §
- Zowel de bevoegde administratie of openbare instelling als de aanvrager worden opgeroepen om gehoord te worden tijdens de vergadering van de Adviescommissie voor de beroepen die het beroep zal onderzoeken. De oproeping vermeldt de mogelijkheid om zich door een raadsman te laten bijstaan. De weigering te verschijnen of zijn verweermiddelen aan te voeren wordt in het proces-verbaal van verhoor geacteerd. §
- De Regering kan pas een beslissing nemen op het beroep na ontvangst van het advies van de Adviescommissie voor de beroepen tenzij de termijn waarbinnen het advies moest worden gegeven, is verstreken. In dit geval wordt aan de adviesvereiste binnen de voorgeschreven termijn voorbijgegaan. De Adviescommissie voor de beroepen brengt haar gemotiveerd advies uit aan de bevoegde Administratie of openbare instelling. Het gemotiveerd advies van de Adviescommissie voor de beroepen wordt ter kennis gebracht van de verzoekende partij binnen vijftien dagen na het uitbrengen van het advies. De bevoegde Administratie of openbare instelling bezorgt de Regering een beslissingsvoorstel binnen dertig dagen na de overhandiging van het advies van de Adviescommissie voor de beroepen of, bij gebrek aan advies, binnen vijfenveertig dagen na het verstrijken van de termijn. De Regering spreekt zich over het beroep uit binnen een termijn van drie maanden na de indiening van het voorstel tot beslissing. De Minister deelt de beslissing van de Regering mee aan de persoon die het beroep heeft ingediend. Art. 37.Enkel de voorzitter, de ondervoorzitter, de overige leden of hun plaatsvervangers zijn stemgerechtigd. De commissie kan alleen geldig beraadslagen en stemmen als ten minste de voorzitter of de ondervoorzitter en drie leden, of hun plaatsvervangers, aanwezig zijn. Bij de stemming worden onthoudingen niet in aanmerking genomen voor het bereiken van de vereiste meerderheid. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend. Art. 38.De Adviescommissie voor de beroepen kan, desgevallend, bij dringendheid, het advies van de vaste commissies vragen om haar te helpen haar eigen advies voor te bereiden. Art. 39.De Adviescommissie voor de beroepen krijgt van de administratie of openbare instellingen alle informatie die ze meent nodig te hebben voor het uitbrengen van haar advies. Art. 40.Naast de vergoedingen voor verplaatsingskosten bedoel in artikel 3, 16°, bepaalt de Regering de aard en het bedrag van de bezoldigingen die aan de leden worden toegekend. TITEL V. - Secretariaat Art. 41.Het secretariaat van de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé", de Vaste commissies en de Adviescommissie voor de beroepen wordt door de diensten van de Regering waargenomen. TITEL VI. - Activiteitenverslag Art. 42.§
- Elke vaste commissie bezorgt de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" jaarlijks een activiteitenverslag op 30 april. §
- Op grond van de verslagen bedoeld in § 1 en de adviezen die hij heeft uitgebracht bezorgt de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" gelijktijdig de Waalse Regering en het Waals Parlement een globaal activiteitenverslag over de adviesverlenende functie betreffende de aangelegenheden bedoeld in artikel 5, § 1, I, 1°, en II, 1° tot 5°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen. Het globaal activiteitenverslag wordt door de Regering aan de "Conseil économique et social de la Région wallonne" overgemaakt. TITEL VII. - Klachten Art. 43.§
- Elke belanghebbende kan aan de Regering, de Administratie, de openbare instelling of de burgemeester een klacht richten met betrekking tot de werking van een dienst of een instelling inzake sociale actie of gezondheid. Elke klacht is het voorwerp van een bericht van ontvangst dat binnen de acht dagen wordt verstuurd. §
- De burgemeester, Administratie of openbare instelling die een klacht ontvangen, brengen onverwijld de volgende instanties op de hoogte : 1° de Regering;2° de dienst of instelling waarop die klacht betrekking heeft. §
- Indien bemiddeling mogelijk is, kan de burgemeester als verzoenende partij optreden en aanbevelingen uiten die hem van die aard lijken dat ze een oplossing kunnen inhouden voor de werkingsmoeilijkheden. §
- De burgemeester, de Administratie of de openbare instelling richten een verslag over de inlichtingen die ze hebben kunnen inwinnen aan de Regering. De betrokken dienst of instelling licht de burgemeester, de Administratie of de openbare instelling onverwijld in over het gevolg dat aan de klacht gegeven is. De Regering, de Administratie of de openbare instelling licht de klager en de dienst of instelling in over het gevolg dat aan de klacht gegeven is. §
- Jaarlijks, vóór 30 april, maakt de Regering aan de "Conseil wallon de l'action sociale et de la santé" de dossiers over betreffende de klachten van het vorige kalenderjaar volgens de modaliteiten die zij bepaalt. Boek II. - Gemeenschappelijke bepalingen betreffende de regelmatige uitbetaling van de rechtstreekse en onrechtstreekse subsidies Art. 44.§
- Elk decreet houdende toekenning van organieke subsidies of, bij gebreke daarvan, elk besluit houdende toekenning van organieke subsidies in de aangelegenheden bedoeld in dit Wetboek moet bepalen in welke vormen en binnen welke termijnen ze uitbetaald zullen worden. §
- Dit boek heeft niet betrekking op de subsidies betreffende infrastructuur- of investeringswerken. Art. 45.De nadere regels voor de uitbetaling van de in artikel 44 bedoelde subsidies worden minstens per trimester bepaald, voor zover die uitbetalingswijze aan de activiteit van de sector beantwoordt. De voorschotten worden uitbetaald in de loop van de periode waarop ze betrekking hebben, voor zover die uitbetaling geen vooruitlopen op het begrotingsjaar waarin het krediet met betrekking hierop ingeschreven is, tot gevolg heeft. Art. 46.Bij het verstrijken van een periode van negentig kalenderdagen, buiten de krachtens dit boek bepaalde termijnen, werpen de verschuldigd blijvende bedragen een verwijlinterest af, tegen het op de vervaldag geldende hoogste interventietarief van de Nationale Bank, van rechtswege en zonder ingebrekestelling. Elk verwijlinterest is echter alleen verschuldigd wanneer de Gemeenschap verantwoordelijk is voor de vertraging bij de uitbetaling van de subsidie. Art. 47.De decreten en besluiten bedoeld in artikel 44 bepalen de sancties die kunnen worden opgelegd aan de subsidie-ontvangers indien zij de voorwaarden door de toekenning van de subsidies niet naleven. DEEL II. - SECTORALE BEPALINGEN Boek I. - Sociale actie TITEL I. - Diensten voor sociale insluiting en sociale contactpunten HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen Art. 48.Deze titel heeft tot doel : 1° de diensten te erkennen die zich hoofdzakelijk richten tot de personen die in een uitsluitingssituatie verkeren en die collectieve dan wel gemeenschappelijke acties voor de sociale insluiting tot stand brengen waarvan de aard : a) ofwel preventief is, namelijk acties die kunnen inwerken op de oorzaken van de uitsluiting;b) ofwel curatief is, namelijk acties die kunnen inwerken op de gevolgen van de uitsluiting;2° de structuren te erkennen met als opdracht te voorzien in de coördinatie en in de netwerking van de publieke en particuliere actoren die betrokken zijn bij de hulpverlening aan de personen die in een uitsluitingssituatie verkeren;3° de in 1° en 2° bedoelde diensten en structuren te subsidiëren onder de voorwaarden gesteld in de artikelen 56 en
- Art. 49.Voor de toepassing van deze titel wordt beschouwd als zijnde een persoon die in een uitsluitingssituatie verkeert, elke meerderjarige persoon die geconfronteerd wordt of dreigt te worden met de moeilijkheid om een menswaardig leven te leiden en de rechten die erkend zijn bij artikel 23 van de Grondwet uit te oefenen en die, daarnaast, voor wat betreft de diensten voor sociale insluiting, niet in aanmerking kan komen voor een regeling inzake maatschappelijke integratie en inschakeling in het arbeidsproces. Art. 50.De diensten en de structuren bedoeld in deze titel dragen ten gunste van de personen die in een uitsluitingssituatie verkeren, bij tot de verwezenlijking van volgende doelstelling : 1° het sociaal isolement doorbreken;2° een deelname aan het maatschappelijke, economische, politieke en culturele leven mogelijk maken;3° de sociale erkenning bevorderen;4° het welzijn en de leefkwaliteit verbeteren;5° de autonomie begunstigen. HOOFDSTUK II. - Diensten voor sociale insluiting Afdeling
- - Erkenning Onderafdeling
- - Voorwaarden Art. 51.De Regering erkent onder de benaming « dienst voor sociale insluiting » elke vereniging of instelling die de collectieve of gemeenschappelijke acties bedoeld in artikel 48, 1°, samengevoegd tot stand brengt via : 1° groepswerk waarbij zowel collectieve als individuele bekwaamheden ingezet worden;2° de implementering van middelen waarmee de problemen in verband met de bestaansonzekerheid aangepakt kunnen worden;3° de uitwerking van instrumenten die onontbeerlijk zijn voor de uitoefening van de rechten die erkend zijn bij artikel 23 van de Grondwet;4° de hulpverlening aan collectieve projecten die het werk zijn van de personen die in een uitsluitingssituatie verkeren;5° een sociaal-individuele begeleiding in aanvulling op de sociaal-collectieve aanpak;6° de totstandbrenging van gediversifieerde sociale banden, meer bepaald tussen generaties en culturen. Art. 52.§
- Om erkend te worden als dienst voor sociale insluiting, dient elke vereniging of instelling aan de volgende voorwaarden te voldoen : 1° een vereniging zonder winstgevend doel, een openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn of een vereniging bedoeld in hoofdstuk XII van de wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1976 pub. 18/04/2016 numac 2016000231 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. - Officieuze coördinatie in het Duits van de versie toepasselijk op de inwoners van het Duitse taalgebied sluiten tot organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn zijn of door een dergelijke instantie georganiseerd worden.Verschillende openbare centra voor maatschappelijk welzijn kunnen samen erkend worden op voorwaarde dat ze onderling een overeenkomst afsluiten om samen de acties voor de sociale insluiting die de aanvraag tot erkenning verantwoorden, tot stand te brengen; 2° de begunstigden voor de uitvoering van de acties bedoeld in deze titel minstens een halftijds maatschappelijk werker ter beschikking te stellen;3° voor de acties voor de sociale insluiting die een aanvraag tot erkenning verantwoorden, onder geen enkele regelgeving die in één of andere erkenning voorziet, ressorteren;4° niet erkend zijn in de hoedanigheid van bedrijf voor vorming door arbeid;5° de bedrijfszetel in het Waalse Gewest gevestigd hebben;6° doorgaans sinds minstens twee jaar te rekenen van de datum van de aanvraag tot erkenning acties voor de sociale insluiting tot stand brengen;7° de acties voor de sociale insluiting op regelmatige wijze uitvoeren;8° in de hulpverlening aan de begunstigden voorzien zonder onderscheid van nationaliteit, geloof, opinie of sexuele geaardheid en met respect voor de ideologische, filosofische of religieuze overtuigingen van betrokkenen;9° zich hoofdzakelijk richten tot de personen bedoeld in artikel 49;10° zo georganiseerd zijn dat de aanpassing aan de door de begunstigden uitgedrukte behoeften mogelijk is;11° samenwerkingsverbanden tot stand brengen en in een samenwerkingsverband handelen met de diensten en instellingen die noodzakelijk zijn voor de volbrenging van de opdrachten;12° een kwalitatieve evaluatieprocedure opzetten waaraan de vereniging of de instelling en de begunstigden deelnemen;13° het personeel bezoldigen volgens de loonschalen zoals vastgesteld door de paritaire comités of door de overheid die belast is met de vaststelling van het personeelsstatuut en in overeenstemming met de functie die het uitoefent;14° zich ertoe verbinden elke begunstigde in te lichten over de bestaande regelingen inzake maatschappelijke integratie en inschakeling in het arbeidsproces;15° zich ertoe verbinden het bestuur in te lichten over elke wijziging in het statuut en in de
van het personeel, in de functies of het statuut van het personeels dat de acties voor de sociale insluiting onderneemt. §
- De Regering bepaalt de titels, diploma's of kwalificaties van de maatschappelijk werker bedoeld in paragraaf 1, 2°, evenals de wijze van doorvoering van de evaluatieprocedure bedoeld in paragraaf 1, 12°, en de wijze van toepassing van paragraaf 1, 9° en 14°. Onderafdeling
- - Procedure Art. 53.De aanvraag tot erkenning wordt bij de Regering ingediend. De Regering bepaalt de inhoud van het dossier voor de erkenningsaanvraag. In dat dossier worden tenminste opgenomen : 1° de taakomschrijving van de aanvrager;2° de statuten van de aanvrager;3° de
van de bestuursorganen en de lijst van het personeel;4° een project waarin de acties die de aanvrager tot stand brengt of beoogt, omschreven worden.Het model voor het project wordt door de Regering vastgesteld. Art. 54.De erkenning wordt voor een onbepaalde duur verleend. De erkenning kan ingetrokken worden wegens niet-naleving van de bepalingen van deze titel of of van de krachtens deze titel vastgelegde bepalingen. De dienst voor sociale insluiting waarvan de erkenningsaanvraag werd geweigerd of waarvan de erkenning werd ingetrokken, mag geen nieuwe erkenningsaanvraag indienen in de loop van het jaar na dat waarin de beslissing tot weigering of tot intrekking van de erkenning is genomen. Art. 55.De Regering bepaalt de procedure tot toekenning en intrekking van de erkenning. Afdeling
- - Subsidiëring Art. 56.§
- De Regering kan, binnen de perken van de begrotingskredieten en volgens de criteria en modaliteiten die zij bepaalt, subsidies aan de erkende diensten voor sociale insluiting verlenen om de bezoldiging van een maatschappelijk werker (minimum halftijds en maximum voltijds) en/of werkingskosten te dekken, met inbegrip van de vormingskosten van de maatschappelijk werker. §
- De Regering bepaalt de titels, diploma's of kwalificaties van de maatschappelijk werker bedoeld in paragraaf
- HOOFDSTUK II. - Sociale contactpunten Afdeling
- - Oprichting en erkenning Art. 57.§
- In elk bestuursarrondissement kan de Regering op eigen initiatief een vereniging oprichten en erkennen die de opdracht bedoeld in artikel 48, 2°. Als er zich in het bestuursarrondissement minstens één stad of gemeente van meer dan vijftigduizend inwoners bevindt, wordt de door de Regering erkende vereniging « stedelijk sociaal contactpunt » genoemd. Als er zich in het bestuursarrondissement geen enkele stad of gemeente van meer dans vijftigduizend inwoners bevindt, wordt de door de Regering erkende vereniging « intergemeentelijk sociaal contactpunt » genoemd. §
- De Regering erkent bij voorrang de stedelijke sociale contactpunten die zich in de bestuursarrondissementen bevinden waar er een door het Waalse Gewest gesubsidieerde instantie voor dringende maatschappelijke dienstverlening bestaat. Voor de intergemeentelijke sociale contactpunten wordt voorrang gegeven aan de bestuursarrondissementen waar het aantal leefloners procentueel het hoogst is. Art. 58.§
- Om erkend te worden overeenkomstig artikel 57, § 1, tweede lid, dient elke vereniging aan volgende voorwaarden te voldoen : 1° opgericht zijn in de vorm van een vereniging zoals bedoeld in hoofdstuk XII van de wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1976 pub. 18/04/2016 numac 2016000231 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. - Officieuze coördinatie in het Duits van de versie toepasselijk op de inwoners van het Duitse taalgebied sluiten tot organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;2° voor het merendeel bestaan uit openbare of particuliere sociaal-geneeskundige instellingen die betrokken zijn bij de hulpverlening aan de personen die in een uitsluitingssituatie verkeren. Elke openbare of particuliere instelling die aan de voorwaarde bedoeld onder punt 7° voldoet, heeft het recht, als hij het handvest bedoeld onder punt 6° ondertekent, om lid te worden van een sociaal contactpunt. Elke beslissing van de algemene vergadering wordt getroffen bij meerderheid van stemmen van de vertegenwoordigers van zowel de publieke als de particuliere actoren; 3° in de raad van bestuur minstens tellen : a.één vertegenwoordiger van de Regering; b. één vertegenwoordiger van het Ocmw (de Ocmw's);c. één vertegenwoordiger van de steden en gemeenten;d. één vertegenwoordiger van een ziekenhuis;e. één vertegenwoordiger van een dienst die gespecialiseerd is in de dagopvang van de begunstigden;f. één vertegenwoordiger van een dienst die gespecialiseerd is in de nachtopvang van de begunstigden;g. één vertegenwoordiger van een dienst die gespecialiseerd is in het straathoekwerk. Het ziekenhuis en de diensten als bovenvermeld dienen zich in de betrokken stad of in de rand ervan te bevinden. Elke beslissing van de raad van bestuur wordt getroffen bij meerderheid van stemmen van de vertegenwoordigers van zowel de publieke als de particuliere actoren; 4° over een stuurgroep beschikken die belast is met het maken van voorstellen aan de raad van bestuur of aan de algemene vergadering en het dagelijks beheer dat door de raad van bestuur overgedragen wordt, behartigen;5° over een coördinator beschikken die verantwoordelijk is voor de coördinatie van de verschillende activiteiten van het sociaal contactpunt en, in voorkomend geval, van de activiteiten die tot stand gebracht worden met externen. De coördinator maakt deel uit van het personeel van de vereniging; 6° een handvest voor het sociaal contactpunt opstellen en toepasselijk maken dat ondertekend wordt door alle leden van de vereniging.In dat handvest wordt de algemene visie van het sociaal contactpunt omschreven en uitgestippeld. Het handvest kan eveneens ondertekend worden door de publieke en particuliere partners die geen lid zijn van de vereniging. In een overlegcomité worden alle ondertekenaars van het handvest samengebracht; 7° onder zijn leden enkel personen tellen die hun taken uitvoeren zonder onderscheid van nationaliteit, geloof, opinie of sexuele geaardheid en en met respect voor de ideologische, filosofische of religieuze overtuigingen van betrokkenen;8° een kwalitatieve evaluatieprocedure opzetten waaraan de leden van het netwerk en de begunstigden deelnemen;9° het personeel bezoldigen volgens de loonschalen zoals vastgesteld door de paritaire comités of door de overheid die belast is met de vaststelling van het personeelsstatuut en in overeenstemming met de functie die het uitoefent. §
- De Regering bepaalt : 1° onverminderd de bepalingen van de wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1976 pub. 18/04/2016 numac 2016000231 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. - Officieuze coördinatie in het Duits van de versie toepasselijk op de inwoners van het Duitse taalgebied sluiten tot organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, de basisregels voor de werking van de algemene vergadering, de raad van bestuur en het overlegcomité, evenals voor de
en de werking van de stuurgroep;2° de titels, diploma's of kwalificaties van de coördinator bedoeld in paragraaf 1, 5° ;3° de basisbeginselen van het handvest bedoeld in paragraaf 1, 6° ;4° de wijze van implementering van het evaluatieproces bedoeld in paragraaf 1, 8°. Art. 59.§
- Om erkend te worden overeenkomstig artikel 57, § 1, derde lid, dient elke vereniging aan de volgende voorwaarden te voldoen : 1° opgericht zijn in de vorm van een vereniging zoals bedoeld in hoofdstuk XII van de wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1976 pub. 18/04/2016 numac 2016000231 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. - Officieuze coördinatie in het Duits van de versie toepasselijk op de inwoners van het Duitse taalgebied sluiten tot organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;2° voor het merendeel bestaan uit openbare of particuliere sociaal-geneeskundige instellingen die betrokken zijn bij de hulpverlening aan de personen die in een uitsluitingssituatie verkeren. Elke openbare of particuliere instelling die aan de voorwaarde bedoeld onder punt 7° voldoet, heeft het recht, als hij het handvest bedoeld onder punt 6° ondertekent, om lid te worden van een sociaal contactpunt. Elke beslissing van de algemene vergadering wordt getroffen bij meerderheid van stemmen van de vertegenwoordigers van zowel de publieke als de particuliere actoren; 3° in de raad van bestuur minstens tellen : a.één vertegenwoordiger van de Regering; b. drie vertegenwoordigers van de Ocmw's;c. drie vertegenwoordigers van de steden en gemeenten;d. één vertegenwoordiger van een ziekenhuis;e. één vertegenwoordiger van een door het Waalse Gewest erkende structuur voor de opvang van personen die in een uitsluitingssituatie verkeren;f. één vertegenwoordiger van een dienst voor geestelijke gezondheid;g. één vertegenwoordiger van een dienst voor sociale insluiting, erkend krachtens deze titel;h. één vertegenwoordiger van een vereniging die gespecialiseerd is in de individuele sociale begeleiding van de begunstigden. Het ziekenhuis en de diensten als bovenvermeld dienen zich in het betrokken arrondissement te bevinden. Als er zich in bedoeld arrondissement geen ziekenhuis bevindt, dient de ziekenhuisvertegenwoordiger afkomstig te zijn van een ziekenhuisstructuur uit een naburig arrondissement. Elke beslissing van de raad van bestuur wordt getroffen bij meerderheid van stemmen van de vertegenwoordigers van zowel de publieke als de particuliere actoren; 4° als het sociale contactpunt opgericht is in de vorm van een vereniging bedoeld in hoofdstuk XII van de wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1976 pub. 18/04/2016 numac 2016000231 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. - Officieuze coördinatie in het Duits van de versie toepasselijk op de inwoners van het Duitse taalgebied sluiten tot organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, over een stuurgroep beschikken die belast is met het maken van voorstellen aan de raad van bestuur of aan de algemene vergadering en het dagelijks beheer dat door de raad van bestuur overgedragen wordt, behartigen;5° over een coördinator beschikken die verantwoordelijk is voor de coördinatie van de verschillende activiteiten van het sociaal contactpunt en, in voorkomend geval, van de activiteiten die tot stand gebracht worden met externen. De coördinator maakt deel uit van het personeel van de vereniging; 6° een handvest voor het sociaal contactpunt opstellen en toepasselijk maken dat ondertekend wordt door alle leden van de vereniging.In dat handvest wordt de algemene visie van het sociaal contactpunt omschreven en uitgestippeld. Het handvest kan eveneens ondertekend worden door de publieke en particuliere partners die geen lid zijn van de vereniging. In een overlegcomité worden alle ondertekenaars van het handvest samengebracht; 7° onder zijn leden enkel personen tellen die hun taken uitvoeren zonder onderscheid van nationaliteit, geloof, opinie of sexuele geaardheid en en met respect voor de ideologische, filosofische of religieuze overtuigingen van betrokkenen;8° een kwalitatieve evaluatieprocedure opzetten waaraan de leden van het netwerk en de begunstigden deelnemen;9° het personeel bezoldigen volgens de loonschalen zoals vastgesteld door de paritaire comités of door de overheid die belast is met de vaststelling van het personeelsstatuut en in overeenstemming met de functie die het uitoefent. §
- De Regering bepaalt : 1° onverminderd de bepalingen van de wet van 8 juli 1976Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1976 pub. 18/04/2016 numac 2016000231 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn. - Officieuze coördinatie in het Duits van de versie toepasselijk op de inwoners van het Duitse taalgebied sluiten tot organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, de basisregels voor de werking van de algemene vergadering, de raad van bestuur en het overlegcomité, evenals voor de
en de werking van de stuurgroep;2° de titels, diploma's of kwalificaties van de coördinator bedoeld in paragraaf 1, 5° ;3° de basisbeginselen van het handvest bedoeld in paragraaf 1, 6° ;4° de werkingswijze van het overlegcomité bedoeld in paragraaf 1, 6° ;5° de wijze van implementering van het evaluatieproces bedoeld in paragraaf 1, 8°. Art. 60.De Regering kan de erkenning intrekken van elk sociaal contactpunt dat de bepalingen van deze titel of de bepalingen die krachtens deze titel genomen worden, niet nakomt. De erkenning wordt ingetrokken na verhoor van de voorzitter en ondervoorzitters van de raad van bestuur van het sociaal contactpunt. De Regering bepaalt de procedure voor de intrekking van de erkenning. Afdeling
- - Subsidiëring Art. 61.§
- De Regering kan, binnen de perken van de begrotingskredieten en volgens de criteria en modaliteiten die zij bepaalt, subsidies aan de erkende stedelijke sociale contactpunten verlenen ter dekking van : 1° de bezoldiging van de coördinator bedoeld in artikel 58, § 1, 5° en, desgevallend, van het coördinatiepersoneel;2° de werkingskosten; 3° de personeels-, vormings- en werkingskosten i.v.m. de ontwikkeling van de activiteiten van de instellingen bedoeld in artikel 58, § 1, 2°, met uitzondering van de diensten voor sociale insluiting die overeenkomstig artikel 15 gesubsidieerd worden. §
- De Regering kan, binnen de perken van de begrotingskredieten en volgens de criteria en modaliteiten die zij bepaalt, subsidies aan de erkende intergemeentelijke sociale contactpunten ter dekking van : 1° de bezoldiging van de coördinator bedoeld in artikel 59, § 1, 5°, en, desgevallend, van het coördinatiepersoneel;2° de werkingskosten; 3° de kosten i.v.m. de vorming van het personeel van de instellingen bedoeld in artikel 59, § 1, 2° ; 4° de kosten met betrekking tot de ontwikkeling van de projecten die worden uitgewerkt door de leden van de vereniging, met uitzondering van de diensten voor de sociale insluiting die overeenkomstig artikel 56 gesubsidieerd worden. HOOFDSTUK III. - Gemeenschappelijke bepalingen Afdeling
- - Vrijwilligerswerk Art. 62.De diensten voor sociale insluiting en de sociale contactpunten die erkend zijn krachtens deze titel en die een beroep doen op vrijwillige medewerkers die helpen bij het vervullen van één of verschillende van hun opdrachten dienen : 1° erover te zorgen dat hen een functie wordt toegewezen die verband houdt met hun bekwaamheden, hun beroepsopleiding of hun ervaring;2° ervoor te zorgen dat ze in hun activiteiten begeleid worden door beroepsmensen. De Regering bepaalt de wijze van toepassing van dit artikel. Afdeling
- - Toezicht en straffen Art. 63.De diensten voor sociale insluiting en de sociale contactpunten die overeenkomstig de artikelen 56 en 61 gesubsidieerd worden, dienen : 1° jaarlijks het door de Regering aangewezen bestuur vóór 30 april volgende inlichtingen mede te delen die betrekking hebben op het afgelopen werkingsjaar : a.een staat van de ontvangsten en uitgaven en een begroting van de dienst na goedkeuring door de bevoegde instanties, waarbij de door andere overheden toegekende of toegezegde subsidies vermeld worden; b. het loon van de personen die voor de subsidies in aanmerking komen en de bewijzen dat de werkgeversbijdragen zijn afgedragen;2° onverwijld en schriftelijk het bestuur elke wijziging mede te delen in de staten en in de
van het gesubsidieerde personeel. Bij niet-naleving van de bepalingen van deze titel en van de bepalingen die ter uitvoering van deze titel worden getroffen, kunnen de subsidies verminderd of opgeschort worden op de door de Regering bepaalde wijze. Art. 64.De erkende diensten voor sociale insluiting en de erkende sociale contactpunten maken jaarlijks : 1° een omstandig kwalitatief activiteitenverslag, waarin meer bepaald opgenomen worden : een analyse van de behandelde problemen, de al naar gelang van de problemen gevolgde methodes en de vooropgestelde doelstellingen en een evaluatie van die methodes naar doeltreffendheid en impact;2° een kwantitatief activiteitenverslag. Het model van die activiteitenverslagen wordt door de Regering bepaald. De verslagen worden uiterlijk 30 april van het jaar na het jaar waarop ze betrekking hebben aan de administratie overgemaakt. Art. 65.Elke persoon die een vereniging of een dienst leidt dan wel organiseert en gebruik maakt van de benaming « dienst voor sociale insluiting erkend door het Waalse Gewest » of « sociaal contactpunt » zonder erkend te zijn krachtens deze titel, wordt bestraft met een geldboete van 100 tot 1.000 euro. Elke persoon die een dienst voor de sociale insluiting of een sociaal contactpunt leidt en zich tegen een controle van de administratie verzet, wordt bestraft met een geldboete van 100 tot 1.000 euro. TITEL II. - Opvang, huisvesting en begeleiding van in sociale moeilijkheden verkerende personen HOOFDSTUK I. - Definities en opdrachten Afdeling
- - Definities Art. 66.In de zin van deze titel wordt verstaan onder : 1° opvangtehuizen : elke inrichting die een huisvestingscapaciteit voor minstens tien in sociale moeilijkheden verkerende personen biedt en doorgaans de opdrachten bedoeld in artikel 67 vervult, met uitsluiting van de diensten of inrichtingen die ressorteren onder een specifieke regelgeving inzake het verschaffen van een onderkomen en huisvesting, die een therapeutische begeleiding als doel hebben, tijdelijk opgericht worden om het hoofd te bieden aan uitzonderlijke gebeurtenissen of opvanginitiatieven vormen uitgaande van een Ocmw overeenkomstig het ministerieel besluit van 18 oktober 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1964 pub. 14/11/2006 numac 2006000610 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de dringende geneeskundige hulpverlening Duitse vertaling sluiten5 tot regeling van de terugbetaling door het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers van de kosten van de materiële hulp door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn toegekend aan een behoeftige asielzoeker gehuisvest in een plaatselijk opvanginitiatief;2° gemeenschapshuis : elke inrichting die een huisvestingscapaciteit voor minstens vier in sociale moeilijkheden verkerende personen biedt en doorgaans de opdrachten bedoeld in artikel 68 vervult, met uitsluiting van de diensten of inrichtingen die ressorteren onder een specifieke regelgeving inzake onderkomen en huisvesting, die een therapeutische begeleiding als doel hebben, tijdelijk opgericht worden om het hoofd te bieden aan uitzonderlijke gebeurtenissen of opvanginitiatieven vormen uitgaande van een Ocmw overeenkomstig het ministerieel besluit van 18 oktober 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1964 pub. 14/11/2006 numac 2006000610 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de dringende geneeskundige hulpverlening Duitse vertaling sluiten5 tot regeling van de terugbetaling door het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers van de kosten van de materiële hulp door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn toegekend aan een behoeftige asielzoeker gehuisvest in een plaatselijk opvanginitiatief;3° nachtasiel : elke inrichting die een huisvestingscapaciteit voor minstens vier in sociale moeilijkheden verkerende personen biedt en doorgaans de opdrachten bedoeld in artikel 69 vervult, met uitsluiting van de diensten of inrichtingen die ressorteren onder een specifieke regelgeving inzake onderkomen of tijdelijk opgericht worden om het hoofd te bieden aan uitzonderlijke gebeurtenissen 4° opvangtehuizen van het gezinstype : elke inrichting die een huisvestingscapaciteit voor minstens tien in sociale moeilijkheden verkerende personen biedt en doorgaans de opdrachten bedoeld in artikel 70 vervult, met uitsluiting van de diensten of inrichtingen die ressorteren onder een specifieke regelgeving inzake onderkomen en huisvesting, die een therapeutische begeleiding als doel heeft, tijdelijk opgericht worden om het hoofd te bieden aan uitzonderlijke gebeurtenissen of opvanginitiatieven vormen uitgaande van een Ocmw overeenkomstig het ministerieel besluit van 18 oktober 2002Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/07/1964 pub. 14/11/2006 numac 2006000610 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de dringende geneeskundige hulpverlening Duitse vertaling sluiten5 tot regeling van de terugbetaling door het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers van de kosten van de materiële hulp door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn toegekend aan een behoeftige asielzoeker gehuisvest in een plaatselijk opvanginitiatief;5° in sociale moeilijkheden verkerende persoon : de meerderjarigen, de ontvoogde minderjarigen, de minderjarige vaders, de minderjarige moeders en de zwangere minderjarigen, gekenmerkt door een broos psychosociaal of materieel bestaan, en die onmogelijk zelfstandig kunnen leven, evenals de kinderen die met hen samenleven;6° voor de opvangtehuizen van het gezinstype worden de personen die verwant of aanverwant in minder dan de vijfde graad zijn met de beheerder of de directeur niet als in sociale moeilijkheden verkerende personen beschouwd;7° werkingstitel : een erkenning, een voorlopige werkingsvergunning of een beginselakkoord;8° collectieve uitrustingen : een keuken, een gemeenschappelijke woonkamer of salon die voor de ondergebrachte personen die dat wensen, een plaats van ontmoeting en samenwoning vormen;9° ondergebrachte personen : de in sociale moeiljkheden verkerende personen die in een inrichting bedoeld onder 1°, 2°, 3° en 4° verblijven;10° gerechtigden : de personen die in rekening gebracht kunnen worden bij de berekening van de bezettingsgraad van de inrichtingen bedoeld onder 1° en 2° ;11° directeur : de verantwoordelijke voor het dagelijks bestuur;12° collectief begeleidingsproject : alle doelstellingen en middelen die door een opvangtehuis of een gemeenschapshuis omschreven worden voor het volbrengen van de opdrachten bedoeld in artikel 67 of 68;13° geïndividualiseerd begeleidingsproject : alle doelstellingen en middelen die in een aansluitingscontract omschreven worden tussen het opvangtehuis of het gemeenschapshuis, de ondergebrachte persoon en, in voorkomend geval, een externe maatschappelijk interveniënt, om een dynamisch socialiseringsproces op te starten en een reeks instrumenten tot stand te brengen die de ondergebrachte persoon opnieuw zelfstandig helpen te leven;14° collectief project ter verschaffing van een onderkomen : alle doelstellingen middelen die omschreven worden door een nachtasiel om de opdrachten bedoeld in artikel 69 te volbrengen;15° bezettingsgraad : het maandgemiddelde, vastgesteld over een door de regering vastgestelde periode, van de nachten waarin de gerechtigden in de inrichtingen bedoeld onder 1° en 2° aanwezig zijn. Afdeling
- - Opdrachten Art. 67.De opvangtehuizen hebben als doel in de opvang, in het in de tijd beperkte verschaffen van een onderkomen in een structuur met collectoeve uitrustingen, evenals in een aangepaste begeleiding te voorzien ten aanzien van de in sociale moeilijkheden verkerende personen, om ze te helpen bij het verwerven of opnieuw verwerven van hun zelfstandigheid. Art. 68.De gemeenschapshuizen hebben als doel de in sociale moeilijkheden verkerende personen die voorheen in een opvangtehuis of in een structuur verbleven met hetzelfde doel en erkend door de Vlaamse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, de Franse Gemeenschapscommissie of een publieke overheid van een buurtstaat, een onderkomen van lange duur in een structuur met collectieve uitrustingen aan te bieden, evenals een aangepaste begeleiding om ze te helpen bij het verwerven of opnieuw verwerven van hun zelfstandigheid. Art. 69.De nachtasielen hebben als doel de in sociale moeilijkheden verkerende personen die geen woning hebben, in geval van dringende hulp onvoorwaardelijk onder voorbehoud van artikel 104 een collectief nachtelijk onderkomen te verschaffen. Art. 70.De opvangtehuizen van het gezinstype hebben als doel de in sociale moeilijkheden verkerende personen een in de tijd beperkt onderkomen te verschaffen. HOOFDSTUK II. - Werkingsvergunningen Afdeling
- - Algemeen beginsel Art. 71.Zonder erkenning of voorlopige werkingsvergunning afgeleverd door de Regering kunnen niet uitgebaat worden : 1° opvangtehuizen;2° gemeenschapshuizen;3° opvangtehuizen van het gezinstype met een huisvestingscapaciteit van meer dan drie in sociale moeilijkheden verkerende personen. Zonder erkenning, voorlopige werkingsvergunning of beginselakkoord afgeleverd door de Regering kunnen nachtasielen niet uitgebaat worden. De uitbaters van opvangtehuizen van het gezinstype met een huisvestingscapaciteit van minder dan vier in sociale moeilijkheden verkerende personen kunnen een erkenning of een voorlopige werkingsvergunning aanvragen. Afdeling
- - Erkenning Onderafdeling
- - Voorwaarden Art. 72.Om erkend te worden, dienen de opvangtehuizen, de gemeenschapshuizen, de nachtasielen en de opvangtehuizen van het gezinstype aan volgende voorwaarden te voldoen : 1° hun bedrijfszetel(s) in het Waalse Gewest hebben;2° hun opdrachten vervullen zonder ten aanzien van de in sociale moeilijkheden verkerende personen een onderscheid te maken in nationaliteit, geloof, opinie of sexuele geaardheid, en met respect voor de ideologische, filosofische of geloofsovertuigingen van de belanghebbenden;3° een directeur hebben die houder is van een bewijs van goed zedelijk gedrag vrij van elke veroordeling tot een criminele of correctionele straf die onverenigbaar zou zijn met de uitoefening van het ambt. Art. 73.Naast de voowaarden bedoeld in artikel 72 moeten de opvangtehuizen, om erkend te worden, aan de volgende voorwaarden voldoen : 1° georganiseerd zijn door een publiekrechtelijke rechtspersoon, een vereniging zonder winstoogmerk of een stichting;2° over een huisvestingscapaciteit beschikken voor minstens tien in sociale moeilijkheden verkerende personen;3° over een collectief begeleidingsproject beschikken;4° met de professionele sector of de diensten die noodzakelijk zijn voor het volbrengen van hun opdrachten, over overeenkomsten beschikken waarin de verbintenissen van bedoelde sector en diensten omschreven zijn wat betreft de maatschappelijke, financiële en bestuurlijke begeleiding van de ondergebrachte personen;5° over overeenkomsten beschikken waarin vastgesteld wordt dat ze in staat zijn om in geval van nood een beroep te doen op de professionele sector of de diensten die actief zijn op psychologisch of medisch gebied;6° van de ondergebrachte personen, met uitzondering van diegenen die door een gerechtelijke overheid zijn of een dienst voor jeugdzorg met overname van de kosten geplaatst zijn, een financiële bijdrage vragen;7° de financiële bijdrage mag niet meer bedragen dan twee derde van de bestaansmiddelen van de ondergebrachte persoon en hangt van de aangeboden dienstverlening af;8° de ondergebrachte personen niet verplichten om deel te nemen aan de bedrijfsactiviteiten die zij zelf rechtstreeks organiseren. Art. 74.Naast de voorwaarden bedoeld in artikel 72 moeten de gemeenschapshuizen, om erkend te worden, aan de volgende voorwaarden voldoen : 1° georganiseerd zijn door een publiekrechtelijke rechtspersoon, een vereniging zonder winstoogmerk of een stichting;2° over een huisvestingscapaciteit beschikken voor minstens vier in sociale moeilijkheden verkerende personen;3° over een collectief begeleidingsproject beschikken;4° met de professionele sector of de diensten die noodzakelijk zijn voor het volbrengen van hun opdrachten, over overeenkomsten beschikken waarin de verbintenissen van bedoelde sector en diensten omschreven zijn wat betreft de maatschappelijke, financiële en bestuurlijke begeleiding van de ondergebrachte personen;5° over overeenkomsten beschikken waarin vastgesteld wordt dat ze in staat zijn om in geval van nood een beroep te doen op de professionele sector of de diensten die actief zijn op psychologisch of medisch gebied;6° van de ondergebrachte personen een financiële bijdrage vragen die niet meer mag bedragen dan twee derde van de bestaansmiddelen van de ondergebrachte persoon;7° de financiële bijdrage hangt van de aangeboden dienstverlening af;8° een register houden waarin de adresgegevens van het opvangtehuis of de structuur die dezelfde opdracht vervult en erkend is door de andere publieke overheden waarvan de ondergebrachte persoon afkomstig is, vermeld zijn. Art. 75.Naast de voorwaarden bedoeld in artikel 72 moeten de nachtasielen, om erkend te worden, aan de volgende voorwaarden voldoen : 1° georganiseerd zijn door een publiekrechtelijke rechtspersoon, een vereniging zonder winstoogmerk of een stichting;2° minstens geopend zijn : a.van 1 november tot en met 1 maart; b. van 22 uur tot 7 uur;3° de in sociale moeilijkheden verkerende personen die er de nacht doorgebracht hebben, niet overdag opvangen;4° over een huisvestingscapaciteit beschikken voor minstens vier in sociale moeilijkheden verkerende personen;5° over een collectief begeleidingsproject beschikken;6° over overeenkomsten beschikken met één of meerdere opvangtehuizen waarin de modaliteiten voor hun doorverwijzing en overname omschreven worden;7° indien er in de gemeente van hun bedrijfszetel een sociaal contactpunt als bedoeld in het decreet van 17 juli 2003Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten3 betreffende de sociale insluiting bestaat of, bij ontstentenis, een dienst belast met het beheer van een dienst dringende maatschappelijke hulpverlening, over overeenkomsten beschikken waarin de modaliteiten voor de opvang en de overname van de in sociale moeilijkheden verkerende personen worden omschreven;8° geen financiële bijdrage van de ondergebrachte personen eisen. Art. 76.Naast de voorwaarden bedoeld in artikel 72 moeten de opvangtehuizen van het gezinstype, om erkend te worden, aan de volgende voorwaarden voldoen : 1° georganiseerd zijn door een natuurlijke persoon, een publiekrechtelijke rechtspersoon, een vereniging zonder winstoogmerk of een stichting;2° over een huisvestingscapaciteit voor maximum negen in sociale moeilijkheden verkerende personen beschikken;3° samenwerkingsverbanden opzetten om in geval van nood een beroep te kunnen doen op professionelen of diensten die in verband met sociale, psychologische of medische aangelegenheden actief zijn;4° met de professionelen of diensten die actief zijn op huisvestingsvlak, meer bepaald de opvangtehuizen en de diensten die een huisvesting met een sociaal karakter verschaffen, samenwerkingsverbanden opzetten betreffende de modaliteiten voor de toegang van de ondergebrachte personen tot de professionelen en die diensten;5° van de ondergebrachte personen een financiële participatie vragen die niet meer mag bedragen dan de helft van hun bestaansmiddelen;6° de financiële participatie hangt af van de aangeboden dienstverlening;7° een register bijhouden in verband met de financiële participatie die door de ondergebrachte personen wordt betaald, evenals in verband met hun bestaansmiddelen;8° de ondergebrachte personen een verblijfsduur aanbieden van maximum honderdtachtig dagen. Art. 77.De Regering bepaalt : 1° de modaliteiten voor de uitwerking en de evaluatie en het model van het collectieve begeleidingsproject bedoeld in de artikelen 73, 3° en 74, 3° ;2° het model en de modaliteiten voor de evaluatie van het collectief huisvestingsproject bedoeld in artikel 75, 5° ;3° de diensten die in rekening worden gebracht voor de berekening van de financiële participatie bedoeld in de artikelen 73, 6°, 74, 6° en 76, 5°, alsook hun prijs;4° de bestaansmiddelen die in overweging worden genomen voor de toepassing van de artikelen 73, 6°, 74, 6° en 76, 5°. Art. 78.De Regering bepaalt voor de opvangtehuizen, de gemeenschapshuizen en de opvangtehuizen van het gezinstype de erkenningsvoorwaarden met betrekking tot de lokalen en de veiligheid. De Regering bepaalt voor de opvangtehuizen en de gemeenschapshuizen de erkenningsvoorwaarden met betrekking tot de uitrustingen en het personeel. De Regering kan voor de nachtasielen de erkenningsvoorwaarden bepalen met betrekking tot de lokalen, de veiligheid, de uitrustingen en het personeel. Art. 79.De Regering bepaalt de procedures voor de verlenging, de hernieuwing, de opschorting, de beperking en de intrekking van de erkenning Onderafdeling
- - Procedure Art. 80.De erkenningsaanvraag voor een opvangtehuis, een gemeenschapshuis, een nachtasiel of een opvangtehuis van het gezinstype wordt bij de Regering ingediend. Art. 81.De Regering bepaalt de inhoud van het dossier voor de erkenningsaanvraag van de opvangtehuizen en de gemeenschapshuizen. In dat dossier worden minstens vermeld : 1° de identiteit van de inrichtende macht, diens adres en, indien de inrichtende macht een vereniging zonder winstoogmerk of een stichting is, de statuten ervan en hun eventuele in het Belgisch Staatsblad verschenen wijzigingen, evenals het identificatienummer in het Register der rechtspersonen;2° de naam en de kwalificaties van de directeur en de personeelsleden, evenals een omschrijving van hun functies en, in voorkomend geval, een afschrift van hun diploma's;3° het totale aantal personen die in aanmerking kunnen komen voor de door de inrichtende macht van de inrichting aangeboden dienstverlening, op ongeacht welke titel;4° het aantal ondergebrachte personen waarvoor de erkenning is aangevraagd;5° een plattegrond van de gebouwen met vermelding van de bestemming der lokalen;6° een veiligheidsattest afgeleverd sinds minder dan één jaar door de burgemeester;7° het huishoudelijk reglement met omschrijving van de rechten en de plichten van de ondergebrachte personen, de directeur en de inrichtende macht;8° het collectieve begeleidingsproject;9° de overeenkomsten bedoeld in de artikelen 73, 4° en 5°, 74, 4° en 5°. Wat betreft de opvangtehuizen, bevat het aanvraagdossier daarnaast de vermelding van de specifieke acties bedoeld in artikel 115, tweede lid, die het opvangtehuis tot stand zou kunnen brengen ten gunste van de ondergebrachte personen. Art. 82.De Regering bepaalt de inhoud van het dossier voor de erkenningsaanvraag voor de nachtasielen. In dat dossier worden minstens vermeld : 1° de identiteit van de inrichtende macht, diens adres en, indien de inrichtende macht een vereniging zonder winstoogmerk of een stichting is, de statuten ervan en hun eventuele in het Belgisch Staatsblad verschenen wijzigingen, evenals het identificatienummer in het Register der rechtspersonen;2° de naam en de kwalificaties van de directeur en, indien bestaande, de personeelsleden, evenals een omschrijving van hun functies en een afschrift van hun diploma's;3° het aantal ondergebrachte personen waarvoor de erkenning is aangevraagd;4° een plattegrond van de gebouwen met vermelding van de bestemming der lokalen;5° een veiligheidsattest afgeleverd sinds minder dan één jaar door de burgemeester;6° het huishoudelijk reglement met omschrijving van de rechten en de plichten van de ondergebrachte personen, de directeur en de inrichtende macht;7° de openingsuren en -periode;8° het collectieve onderkomenproject;9° de overeenkomsten bedoeld in artikel 75, 6° en 7°. Art. 83.De Regering bepaalt de inhoud van het dossier voor de erkenningsaanvraag voor de opvangtehuizen van het gezinstype. In dat dossier worden minstens vermeld : 1° de identiteit van de inrichtende macht, diens adres en, indien de inrichtende macht een verenging zonder winstoogmerk of een stichting is, de statuten ervan en hun eventuele in het Belgisch Staatsblad verschenen wijzigingen, evenals het identificatienummer in het Register der rechtspersonen;2° de naam en de kwalificaties van de directeur en, indien bestaande, de personeelsleden, evenals een omschrijving van hun functies en een afschrift van hun diploma's;3° een presentatie van het initiatief met nauwkeurige omschrijving van de motiveringen van de beheerder en de door hem nagestreefde doelstellingen;4° het aantal ondergebrachte personen waarvoor de erkenning is aangevraagd;5° een plattegrond van de gebouwen met vermelding van de bestemming der lokalen;6° een veiligheidsattest afgeleverd sinds minder dan één jaar door de burgemeester;7° het huishoudelijk reglement met omschrijving van de rechten en de plichten van de ondergebrachte personen, de directeur en de inrichtende macht;8° elk document waaruit kan blijken dat het opvangtehuis van het gezinstype in staat is om te voldoen aan de verplichtingen bedoeld in artikel 76, 3° en 4°. Art. 84.De Regering bepaalt de modaliteiten voor de uitwerking en het model van het huishoudelijk reglement bedoeld in de artikelen 81, 7°, 82, 6°, en 83, 7°, evenals het model van het brandattest bedoeld in de artikelen 81, 6°, 82, 5°, en 83, 6°. Art. 85.De erkenning wordt door de Regering voor onbepaalde duur verleend. De erkenning bepaalt de huisvestingscapaciteit van in sociale moeilijkheden verkerende personen in een opvangtehuis, een gemeenschapshuis, een nachtasiel en een opvangtehuis van het gezinstype. De erkenning is hernieuwbaar op aanvraag van het opvangtehuis, het gemeenschapshuis, het nachtasiel of het opvangtehuis van het gezinstype. Onderafdeling
- - Opschorting, beperking of intrekking Art. 86.De erkenning kan opgeschort, beperkt of ingetrokken worden wegens niet-inachtneming van deze titel of van de bepalingen die krachtens deze titel genomen worden. De opschorting heeft als gevolg dat het verschaffen van een onderkomen aan nieuwe in sociale moeilijkheden verkerende personen verboden wordt. De beperking heeft tot gevolg dat de huisvestingscapaciteit verminderd wordt. Afdeling
- - Voorlopige werkingsvergunningen en beginselakkoorden Onderafdeling
- - Algemene bepaling Art. 87.De Regering bepaalt de procedure voor de toekenning en de verlenging van de voorlopige werkingsvergunning, evenals de procedure voor de toekenning van het beginselakkoord. Zij bepaalt de procedure voor de opschorting, de beperking of de intrekking van de voorlopige werkingsvergunning en het beginselakkoord. Onderafdeling
- - Autorisations provisoires Art. 88.De Regering verleent een voorlopige werkingsvergunning voor de duur van één jaar : 1° aan elk opvangtehuis dat een aanvraag indient overeenkomstig artikel 81, en dat voldoet aan de voorwaarden bedoeld in de artikelen 72 en 73, 1°, 2°, 6° en 7° ;2° aan elk gemeenschapshuis dat een aanvraag indient overeenkomstig artikel 81, en dat voldoet aan de voorwaarden bedoeld in de artikelen 72 en 74, 1°, 2°, 6° en 7° ;3° aan elk nachtasiel dat een aanvraag indient overeenkomstig artikel 81, en dat voldoet aan de voorwaarden bedoeld in de artikelen 72 en 75, 1°, 2°, 4° en 8° ;4° aan elk opvangtehuis van het gezinstype dat een aanvraag indient overeenkomstig artikel 83, en dat voldoet aan de voorwaarden bedoeld in de artikelen 72 en 76, 1°, 2°, 5°, 6° en 7°. De voorlopige werkingsvergunning bepaalt de huisvestingscapaciteit van in sociale moeilijkheden verkerende personen in een opvangtehuis, een gemeenschapshuis, een nachtasiel en een opvangtehuis van het gezinstype. Zij kan worden verlengd indien de veiligheidswerken dat verantwoorden en indien de aanvrager aantoont dat hij die werken kan voltooien binnen een termijn dat één jaar niet mag overschrijden. Indien er bij het beëindigen van de eerste vastgestelde termijn of na de verlenging ervan geen enkele weigering van de erkenning plaatsgevonden heeft, wordt de erkenning geacht toegekend te zijn, behalve in de veronderstelling dat de voorlopige werkingsvergunning : 1° opgeschort is of werd;2° beperkt is. Onderafdeling
- - Beginselakkoord Art. 89.In geval van dringende noodzakelijkheid verleent de regering, indien de onderkomencapaciteit in de nachtasielen erkend in de gemeente of de aangrenzende gemeenten niet voldoende is om aan de vraag ernaar uitgaande van in sociale moeilijkheden verkerende personen tegemoet te komen, een beginselakkoord aan het nachtasiel dat een aanvraag indient overeenkomstig artikel 82, uitgezonderd de punten 4°, 6°, 8° en 9°, en dat voldoet aan de voorwaarden bedoeld in de artikelen 72 en 75, 1° en 2°. Het beginselakkoord bepaalt de huisvestingscapaciteit van in sociale moeilijkheden verkerende personen in een nachtasiel. De duur van het beginselakkoord bedraagt maximum vier maanden. Het is niet hernieuwbaar. Onderafdeling
- - Opschorting, beperking, intrekking Art. 90.De voorlopige werkingsvergunning en het beginselakkoord kunnen opgeschort, beperkt of ingetrokken worden wegens niet-naleving van de bepalingen van deze titel of van de bepalingen genomen krachtens deze titel. De opschorting heeft tot gevolg dat het verschaffen van een onderkomen aan nieuwe in sociale moeilijkheden verkerende personen verboden wordt. De beperking heeft tot gevolg dat de huisvestingscapaciteit verminderd wordt. HOOFDSTUK III. - Werking Afdeling
- - Gemeenschappelijke bepaling Art. 91.Het huishoudelijk reglement bedoeld in de artikelen 81, 7°, 82, 6° en 83, 7°, wordt aangeplakt op een plaats die toegankelijk is voor de personen die om opvang verzoeken en voor de ondergebrachte personen. Eén exemplaar ervan wordt aan de ondergebrachte personen afgegeven zodra ze aankomen. Afdeling
- - Bepalingen eigen aan de opvangtehuizen, de gemeenschapshuizen en de opvangtehuizen van het gezinstype Art. 92.Minstens één keer per week wordt de ondergebrachte persoon schriftelijk ingelicht over zijn financiële toestand in het opvangtehuis, het gemeenschapshuis of het opvangtehuis van het gezinstype. Afdeling
- - Bepalingen eigen aan de opvangtehuizen en de gemeenschapshuizen Art. 93.Het opvangtehuis of het gemeenschapshuis opent een individueel of gezinsdossier voor elke ondergebrachte persoon. Dat dossier bevat de administratieve en financiële documenten met betrekking tot de toestand van de ondergebrachte persoon. Het is onder voorbehoud van alles wat onder het beroepsgeheim valt, toegankelijk voor de ondergebrachte persoon. Het is eveneens toegankelijk voor de ambtenaren bedoeld in artikel
- Art. 94.In samenwerking met de ondergebrachte persoon werken het opvangtehuis en het gemeenschapshuis binnen de dertig dagen na diens aankomst een geïndividualiseerd begeleidingsproject uit. Het geïndividualiseerd begeleidingsproject bepaalt een programmering voor de doorvoering ervan in de tijd. Het wordt in evenveel exemplaren opgesteld als er bij het project betrokken partijen zijn. Eén exemplaar wordt overhandigd aan de ondergebrachte persoon. De Regering bepaalt het model voor het geïndividualiseerd begeleidingsproject. Art. 95.Elk einde van het verblijf dat tot stand komt op initiatief van een erkend opvangtehuis of gemeenschapshuis wordt in een register ingeschreven. In dat register worden vermeld de identiteit van de betrokken personen, de datum van hun vertrek, hun bestemming indien bekend, evenals de redenen die aan de oorsprong liggen van de beslissing om hun verblijf te beëindigen. Art. 96.De gesubsidieerde personeelsleden van het opvangtehuis of het gemeenschapshuis volgen een voortgezette opleiding volgens de modaliteiten die door de Regering bepaald worden. Art. 97.In elk opvangtehuis of gemeenschapshuis wordt er een raad van de ondergebrachte personen opgericht die minstens één keer per maand vergadert. Om voor de goede werking van die raad te zorgen krijgt die raad de logistieke en organisationele ondersteuning van het personeel van het opvangtehuis of van het gemeenschapshuis. De raad bestaat uit de ondergebrachte personen. De directeur of diens vertegenwoordiger kunnen de vergaderingen van de raad bijwonen. De raad van de ondergebrachte personen brengt adviezen uit en formuleert voorstellen, meer bepaald wat betreft de werking van de inrichting, de organisatie van de dienstverlening en het collectieve begeleidingsproject. Afdeling
- - Bepalingen eigen aan de opvangtehuizen Art. 98.Voor elke ondergebrachte persoon of gezin stelt het opvangtehuis een sociaal verslag op na zes maanden verblijf. Het sociaal verslag dient om de evolutie van de ondergebrachte persoon of personen voor te stellen met het oog op een vertrek, een doorverwijzing naar een gemeenschapshuis en/of een wederinschakeling. Dat verslag wordt bij het dossier bedoeld in artikel 93 gevoegd. Art. 99.§
- Het opvangtehuis is ertoe verplicht elke persoon die daarom verzoekt, een onderkomen te verschaffen, behalve in volgende gevallen : 1° indien de maximale huisvestingscapaciteit bereikt is;2° indien blijkt dat het verschaffen van een onderkomen aan de persoon de verwezenlijking van het collectieve begeleidingsproject in gevaar zou kunnen brengen;3° indien blijkt dat het antwoord op de problemen waarmee de persoon geconfronteerd wordt, niet in het hem verschaffen van een onderkomen in een opvangtehuis bestaat. §
- In de gevallen bedoeld in § 1 is het opvangtehuis er evenwel toe verplicht de noodzakelijke stappen te ondernemen om de persoon te laten opvangen door een bevoegde dienst. §
- Het opvangtehuis houdt een register bij van de niet voldane aanvragen waarin de redenen vermeld worden waarom die dienstverlening niet is aangeboden, evenals de stappen die ondernomen werden om te voldoen aan de behoeften van de aanvragers als bedoeld in §
- Afdeling
- - Bepalingen eigen aan de gemeenschapshuizen Art. 100.In een gemeenschapshuis mogen niet verblijven : 1° de personen die volgens het sociaal verslag bedoeld in artikel 98 of opgesteld door een structuur die dezelfde opdracht als een opvangtehuis vervult en die erkend is door de Vlaamse Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of de Franse Gemeenschapscommissie of een openbare overheid van een buurstaat, geen behoefte hebben aan een langdurige begeleiding;2° meer dan drie personen ouder dan zestig jaar op de dag waarop ze hun intrede doen in het huis. Art. 101.Het gemeenschapshuis herziet jaarlijks in samenwerking met de ondergebrachte persoon het geïndividualiseerde begeleidingsproject in functie van de evolutie van de persoon. Het aldus herziene project wordt gevoegd bij het dossier bedoeld in artikel
- Art. 102.Artikel 99, § 1, 1° en 2°, en § 2, geldt voor de gemeenschapshuizen. Afdeling
- - Bepalingen eigen aan de opvangtehuizen van het gezinstype Art. 103.Zodra de ondergebrachte persoon aankomt, schrijft het opvangtehuis van het gezinstype zijn naam in een door hem tegengetekend aanwezigheidsregister. Het model daarvoor wordt door de Regering bepaald. Afdeling
- - Bepalingen eigen aan de nachtasielen Art. 104.§
- Het nachtasiel is ertoe verplicht elke persoon die daarom verzoekt onder te brengen, behalve : 1° indien de maximumcapaciteit voor het verschaffen van een onderkomen bereikt is;2° indien blijkt dat het verschaffen van onderkomen aan de persoon de verwezenlijking van het collectieve onderkomenproject in gevaar zou kunnen brengen;3° indien blijkt dat het antwoord op de problemen die de persoon ondervindt, niet onder het verschaffen van een onderkomen in een nachtasiel valt;4° indien de maximumduur van het eventueel verschaffen van een onderkomen in een nachtasiel bereikt is. §
- In de gevallen bedoeld in § 1 is het nachtasiel er evenwel toe gehouden de adresgegevens van de meest nabije dienst dringende maatschappelijke hulpverlening, nachtasielen of opvangtehuizen op te geven, evenals de beschrijving van de weg ernaartoe. HOOFDSTUK IV. - Controle en straffen Afdeling
- - Gemeenschappelijke bepalingen Onderafdeling
- - Controle Art. 105.De administratieve, financiële en kwalitatieve controle van de inrichtingen die in aanmerking komen voor een werkingstitel in het kader van deze titel wordt verzorgd door de ambtenaren aangewezen door de regering. Die ambtenaren worden bekleed met de hoedanigheid van hulpofficier van de gerechtelijke politie bij de procureur des Konings. Zij zijn ertoe verplicht voor de vrederechter van hun woonplaats de eed voorgeschreven bij het decreet van 20 juli 1831Relevante gevonden documenten type wet prom. 06/08/1990 pub. 21/12/2007 numac 2007001031 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het eerste semester 2007 type wet prom. 06/08/1990 pub. 17/03/2009 numac 2009000060 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten6 af te leggen. In de uitoefening van hun opdrachten kunnen ze : 1° elk nazicht, elke controle, elk onderzoek verrichten en elke informatie inwinnen die zij nodig achten, meer bepaald voor : a.het ondervragen van elke persoon over elk feit waarvan de kennis nuttig is voor het uitoefenen van het toezicht; b. zich elk nuttig document laten overmaken of elk nuttig document zoeken voor de voltooiing van hun opdracht, er een afschrift van nemen of het tegen ontvangstbewijs meenemen;2° proces-verbaal opstellen ter vaststelling van overtredingen die bewijskracht hebben tot bewijs van het tegendeel.Daarvan wordt een afschrift bekendgemaakt binnen de vijftien dagen na vaststelling van de feiten aan de beheerders en de daders. In geval van doorzoeking van de lokalen die een woo